Met de motor door de Ardèche

ferienhaus-an-der-ardeche.deHet departement Ardèche dankt zijn naam aan de beroemde rivier. De streek heeft echter veel meer te bieden dan kanotochten en de Pont d’Arc. De keuze aan routes is zo groot dat motorrijders keuze te over hebben.

Wie aan de vakantiedrukte wil ontsnappen, moet heel vroeg of laat in het jaar komen

Een motortocht moet goed worden gepland, en op de eerste plaats staat altijd de veiligheidscontrole van de banden, waarvoor bandenspecialist Tirendo op zijn website alle informatie en accessoires biedt. De voorbereiding gaat verder met het bepalen van de route. Hieronder beschrijven we een populaire tocht in de Ardèche.

Diep in het zuiden van Frankrijk, een stukje onder Lyon, begint het departement Ardèche. Van de totale oppervlakte van meer dan 5.500 vierkante kilometer is ongeveer een derde bebost. Op dit enorme gebied wonen slechts 313.000 mensen, nauwelijks 57 inwoners per vierkante kilometer; ter vergelijking: in Hessen wonen er 285 op dezelfde oppervlakte.

De weg kan echter lang duren, want Zuid-Frankrijk is op twee wielen niet snel bereikt. Daarom ligt het voor de hand de motoren op een aanhanger naar de bestemming te vervoeren en de afstand comfortabel met de auto in één dag af te leggen. De mooiere variant is natuurlijk om heen en terug op de motor te rijden, maar dan moet je voor elke rit twee dagen rekenen.

De Ardèche is een geliefde reisbestemming, dus alleen zul je hier nauwelijks zijn, tenzij je er heel vroeg of laat in het jaar rondtrekt. Meestal is het hier druk, en op de rivier dringen de kanovaarders soms zo dicht op elkaar dat je bijna met droge voeten over hen heen naar de andere oever zou kunnen lopen.

Routesuggesties: de Corniche met grandioze uitzichten

Boven op de Corniche, een weg die zich in scherpe bochten om de rotsen windt en grandioze uitzichten op de Ardèchekloof biedt, ben je grotendeels alleen. Tussen Pont-Saint-Esprit en de rotsboog van de Pont d’Arc verdwalen maar weinig toeristen.

Helemaal alleen rijd je over piepkleine weggetjes tot in het schilderachtige stadje Saint-Ambroix. De wegen worden steeds smaller en bochtiger, tot ze na Saint-Jean-du-Gard weer omhoogklimmen. Het oude spookdorpje Castelbouc kleeft als een wespennest aan de helling en achter Sainte-Énimie wringt de weg zich door een nauwe en indrukwekkende kloof.

De rotsoverhangen welven zich dreigend boven het sombere wegdek en achter La Malène, een middeleeuwse doorwaadbare plaats, wissel je van rivieroever. Tot aan het plateau van de Causse Méjean en terug in de Gorges du Tarn, daarna verder door de Gorges de la Jonte, zijn nog meer indrukwekkende natuurschouwspelen te zien.

Foto: © Jupiterimages/Photos.com/Thinkstock